M.E.(cvs)-wetenschap

april 15, 2015

Cytokine netwerk-analyse van het cerebrospinaal vocht bij M.E.(cvs)

Filed under: Immunologie — mewetenschap @ 7:16 am
Tags: , , , ,

Uit het persbericht door de ‘Columbia University’ (www.mailman.columbia.edu) omtrent onderstaand artikel leren we dat de M.E.(cvs)-patiënten uit de studie gemiddeld 7 jaar ziek waren en ze zouden dus behoren tot de groep patiënten met lang-durende ziekte (klassificatie uit de vorige studie van dit team – zie Afzonderlijke immuun-signaturen bij vroege & late M.E.(cvs)’). Er wordt gemeld dat – in het hersenvocht – de meeste cytokinen, inclusief interleukine-1 (de IL-1 superfamilie omvat IL-1α, IL-1β, IL-1RA), “onderdrukt” waren bij individuen met M.E.(cvs) in vergelijking met M.S.-patiënten en controles. Een ander cytokine – eotaxine – zou verhoogd zijn bij M.E.(cvs) en M.S., maar niet bij de controles. De andere studie op hersenvocht, uitgevoerd door mede-auteur Dr Dan Peterson’s Simmaron research, vond echter enkel een significante vermindering van IL-10… Er valt dus zeker nog één en ander uit te klaren!

Indien de resulaten worden bevestigd zou dit kunnen leiden tot objectieve diagnostische testen en therapieën om het onevenwicht qua cytokinen te corrigeren. Mede-auteur Prof. Ian Lipkin verwijst daarbij naar monoclonale antilichamen. Er zal daarvoor echter nog veel werk moeten worden verricht, vooraal naar veiligheid en doeltreffendheid toe. Het manipuleren van het immuunsysteem houdt grote risico’s in.

Eerste auteur Dr Mady Hornig besluit “Onze resultaten wijzen op een duidelijk verstoorde immuniteit in het hersenvocht bij M.E.(cvs) en dat is consistent met immuun-aktivatie in het centraal zenuwstelsel.”. Als er een inflammatie in de hersenen is, dan is de mening dat cognitieve gedragtherapie de ziekte geneest wel zeker achterhaald…

————————-

Molecular Psychiatry (Preprint 31 maart 2015)

Cytokine network analysis of cerebrospinal fluid in Myalgic Encephalomyelitis/ Chronic Fatigue Syndrome

Hornig M1, Gottschalk G2, Peterson DL2, Knox KK3, Schultz AF4, Eddy ML4, Che X4, Lipkin WI5

1Centre for Infection and Immunity, Columbia University Mailman School of Public Health, New York, NY, USA & Department of Epidemiology, Columbia University Mailman School of Public Health, New York, NY, USA

2Sierra Internal Medicine at Incline Village, Incline Village, NV, USA

3Coppe Healthcare Solutions, Waukesha, WI, USA & Simmaron Research, Incline Village, NV, USA

4Centre for Infection and Immunity, Columbia University Mailman School of Public Health, New York, NY, USA

5Centre for Infection and Immunity, Columbia University Mailman School of Public Health, New York, NY, USA; Department of Epidemiology, Columbia University Mailman School of Public Health, New York, NY, USA & Departments of Pathology and Neurology, College of Physicians and Surgeons, Columbia University, New York, NY, USA

Samenvatting

Myalgische Encefalomyelitis/ Chronische Vermoeidheid Syndroom is een onverklaarde uitputtende aandoening die frequent wordt geassocieerd met cognitieve en motor-dysfunktie. We analyseerden het cerebrospinaal vocht van 32 M.E./CVS-patiënten, 40 individuen met Multipele Sclerose en 19 normale controles gematcht voor leeftijd en geslacht, d.m.v. een 51-plex cytokine test. Er werden groep-specifieke verschillen gevonden voor de meerderheid van de onderzochte molekulen, met een verhoging van CCL11 (eotaxine), een chemokine dat betrokken is bij aantrekking van eosinofielen. Netwerk-analyse onthulde een omgekeerde relatie tussen interleukine-1 receptor antagonist [IL-1RA] en ‘colony-stimulating factor 1’ [CSF1], ‘colony-stimulating factor 2’ [CSF2] en interleukine-17F, maar geen effekten op interleukine-1α of interleukine-1β, wat een stoornis in de interleukine-1 signalisering suggereert. Onze resultaten geven een uitgesproken verstoorde immuun-signatuur in het cerebrospinaal vocht van M.E./CVS-patiënten aan, wat consistent is met immuun-aktivatie in het centraal zenuwstelsel, en een verschuiving naar een allergisch of T helper type-2 patroon geassocieerd met auto-immuniteit.

————————-

Daar het artikel niet beschikbaar is moeten we ons voor wat duiding baseren op de website van het Simmaron (simmaronresearch.com) waar patiënten-aktivist Cort Johnson – die het artikel blijkbaar wel kon inkijken – blogt…

De waarden van meer dan de helft van de geteste cytokinen (26/51) waren significant verschillend tussen M.S. en controles. Een bijna even groot verschil kwam ook voor bij de M.E./CVS-groep. Bijna de helft van de geteste immuun-factoren (23/51) waren significant verschillend tussen M.E./CVS-patiënten en gezonde controles. Er werden zeer significante verschillen (p <. 0003 of minder) gevonden voor 13 cytokinen in de M.S.-groep t.o.v. gezonde controles, voor 4 cytokinen bij M.E./CVS t.o.v. gezonde controles en voor 8 cytokinen bij M.E./CVS t.o.v. M.S.

Cytokinen spelen een rol bij het induceren en controleren van inflammatie. Er is bewijsmateriaal dat to M.E./CVS een inflammatoire aandoening is en er bestaat geen twijfel over dat Multipele Sclerose een inflammatoire aandoening is. De cytokine-waarden in het cerebrospinaal vocht bij M.S. waren lager dan die bij M.E./CVS. Over het algemeen neigden die van M.S.- en M.E./CVS-patiënten in dezelfde richting – meestal verminderd in vergelijking met de controles – maar de immune ontregeling was verschillend. 23 immuun-factoren verschilden tussen M.E./CVS en M.S. De researchers stelden dat M.E./CVS-patiënten een “uitgesproken hogere graad van immuun-aktivatie van het centraal zenuwstelsel” vertoonden dan de M.S.-groep. In deze studie hadden de mensen gedurende ongeveer 7 jaar CVS. De relatief lage cytokine-waarden lopen gelijk met deze die werden gevonden bij patiënten met lang-durende ziekte uit de grote bloed-cytokine studie.

Chemokinen zijn van speciaal belang bij neuro-inflammatie omdat deze kleine proteïnen de toegang van immuun-cellen tot de hersenen regelen. Wanneer er zich een infektie voordoet, trekken ze immuun-cellen naar het brein toe door het verhogen van doorlaatbaarheid van de bloed-hersen-barrière. Microglia en astrocyten zijn de voornaamste chemokine-producenten in de hersene. 2 chemokinen (CCL11 & CXCL10) waren verhoogd bij zowel M.S.- als M.E./CVS-patiënten (veel hoger waarden van beide bij M.S.). CXCL10 [ook gekend als interferon-gamma geïnduceerd proteïne 10 (IP-10)] maakt de weg vrij voor de intrede van ‘natural killer’ cellen en T-lymfocyten in de hersenen. Het komt dikwijls prominent tot expressie in het centraal zenuwstelsel in respons op een virale infektie. Zoals altijd luistert de regulering van het immuunsysteem zeer nauw. Te weinig chemokine-expressie en de infektie kan dodelijk worden. Te veel chemokine-expressie resulteert in hersen-schade. Hoewel CXCL10 een belangrijke rol speelt bij het bestrijden van virale infekties, kan overvloedig CXCL10 neuronen doen afsterven en een immuun-gemedieerde demyeliniserende ziekte triggeren. Demyelinisatie is een belangrijk probleem bij M.S. maar lijkt momenteel slechts een mogelijkheid bij M.E./CVS. De studie ‘Right arcuate fasciculus abnormality in Chronic Fatigue Syndrome’ [Montoya JG et al. Radiology (2015) 274: 517-26] suggereert echter dat er myeline-abnormaliteiten zouden kunnen aanwezig zijn bij M.E./CVS. Het is niet verrassend dat CXLC10 een impact heeft op de symptomen. Het neutraliseren van CXCL10 (zelfs bij een persistente infektie) kan de symptoom-ernst sterk reduceren.

Dr Mady Hornig: “Deze immune bevindingen zouden kunnen bijdragen tot symptomen in perifere lichaamsdelen én de hersenen, van spier-zwakte tot hersen-mist.”. IL-1RA wordt verondersteld een allergische respons te dempen. De uitgevoerde netwerk-analyse in suggereert dat dit niet zo goed werkt bij in M.E./CVS-patiënten. De omgekeerde relatie tussen IL-1RA en CSF2 (GM-CSF) waarden bij M.E./CVS suggereert dat een allergische respons aan de gang is. Er werden ook gedaalde CSF2-waarden gevonden in een eerdere studie op hersenvocht bij M.E./CVS. Eotaxine of CCL11 trekt eosinofielen (type witte bloedcellen betrokken bij allergische responsen) aan naar de hersenen. Statistische analyse suggereerde dat verhoogde waarden eotaxine (en gedaalde waarden IL-1β) sterk geassocieerd zijn met M.E./CVS-diagnose. Eotaxine is geen chemokine dat iemand wil hebben. Verhoogde eotaxine-waarden bleken geassocieerd met een verstoord leer-proces, geheugen-stoornissen en verminderde neuron-aanmaak in opgroeiende muizen. De auteurs rapporteerden dat allergische processen een aanwijzing kunnen zijn voor een infektie van het centraal zenuwstelsel: “Aanhoudende afgifte van cytokinen door geaktiveerde microglia, immuun-cellen in de hersenen, kunnen bijdragen aan dit patroon.”.

Het team van Hornig & Lipkin vond ook bewijs voor een verstoorde “netwerking” bij M.E./CVS; d.w.z. immuun-cellen communiceren op een vreemde manier. IL-1RA is een interleukine dat cellen met IL-1 receptoren verhindert om de krachtige pro-inflammatoire cytokinen IL-1α of IL-1β aan te maken. Het stopt dat deel van de immuun-respons maar de netwerk-analyse suggereert dat dit niet gebeurt bij M.E./CVS. “De omgekeerde relatie die we vonden tussen IL-1RA en CSF2 in het hersenvocht bij M.E./CVS suggereert dat neuro-immune responsen zouden kunnen verschoven zijn naar allergische of Th2 (auto-immune) patronen in het centraal zenuwstelsel bij individuen met M.E./CVS.”

Geef een reactie »

Nog geen reacties

RSS feed for comments on this post. TrackBack URI

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Maak een gratis website of blog op WordPress.com.

%d bloggers op de volgende wijze: